Skip to content

Zie je ze vliegen?

Door Heine-Jan de Graaf

Heb je inmiddels zoveel thuisgewerkt en online overlegd dat je ze ziet vliegen? Dat komt dit weekend goed uit! Vrijdag 29 januari kun je je werkdag even onderbreken en kijken hoe ze buiten vliegen. De tuinvogels welteverstaan. Heerlijk rustgevend of misschien bijna meditatief om te kijken naar die vrolijke fladderaars zonder beeldscherm of agenda. Het idee is dat je een half uurtje vogels in je tuin telt en die doorgeeft via de app of website van de Vogelbescherming. Om vogels te herkennen kun je natuurlijk bij de bibliotheek een vogelgids lenen. Je vindt deze in de catalogus op de website van jouw lokale bibliotheek.

Samen met een collega zorg ik dat je onder andere die vogelgidsen kunt vinden in de catalogus. In 2004 werkte ik mijn eerste dag bij – toen nog – de BSF en heb ik meegewerkt aan het saneren van de achtergrondcollectie (meer over die collectie in de blog van collega Herbert). Later werd ik op alle onderdelen van Media & Logistiek ingewerkt zodat ik in de vakanties mensen kon vervangen. Sinds 2015 werk ik als Medewerker Centrale Catalogus en zorg ik ervoor dat de catalogus up-to-date is. Maar wat houdt dat nou precies in?

– Elke week verwerk ik het aanbod van de Nederlandse Bibliotheekdienst (NBD) en de bestellingen die het team van bibliothecarissen daaruit doet.
– Veel boeken staan beschreven in een landelijk catalogiseersysteem, maar lokale en Friese uitgaven beschrijven we altijd zelf.
– Bij sommige boeken ontbreken de cover en juiste trefwoorden dus die voeg ik toe.
– Bibliotheekmedewerkers bellen/mailen ons met vragen over bestellingen, foutjes in de catalogus, verzoek om een titelbeschrijving etc.

Het leuke van mijn werk vind ik: zorgen dat alles klopt zodat mensen in de catalogus goed kunnen vinden wat ze zoeken. Ik zoek zelf ook graag boeken, maar nog liever zoek ik buiten naar vogels. Buiten zijn vond ik altijd al fantastisch, toen ik net kon lopen, nam mijn vader mij al mee om kievitseieren te zoeken. Ondertussen wees hij aan welke vogels er allemaal langs vlogen. Toen ik wat ouder was, ging ik graag zelf op onderzoek uit. Met een vogelgids op zak leerde ik goed op de omgeving en begroeiing te letten, zo kun je sneller determineren welke vogels daar kunnen zitten.

Ik liep bijvoorbeeld eens in het Noordhollands Duinreservaat en zag daar een vogeltje met rode borst en rood ‘baretje’ op de kop. Zou het de Kneu zijn? Qua leefgebied klopte het en met behulp van de vogelgids werd mijn vermoeden bevestigd! Zo heb ik in de loop der jaren steeds meer vogels leren herkennen. Misschien herken jij komend weekend tijdens de tuinvogeltelling de kleinste vogel van Nederland met het geel/oranje streepje boven op de kop wel. Dat is namelijk het Goudhaantje en die komt voor in onze tuinen. Ik dacht er een keer twee in de tuin te zien maar toen ik beter keek, had de tweede een witte wenkbrauwstreep en dat was dus een Vuurgoudhaantje! Het gaat vaak om de kleinste details.

Kortom, om vogels te herkennen moet je meerdere aspecten in de gaten houden. Als je een vogel goed bekijkt, kun je hem beschrijven en opzoeken welke het is. Het is eigenlijk net als met boeken in de catalogus. Als je goed kijkt, weet je welk genre het is en welke trefwoorden erbij horen. Daarbij zijn er in de catalogus ook veel boeken te vinden met vogels. Die boeken kunnen je zeker op weg helpen als je komend weekend (29 – 31 januari) de vogels wilt tellen in je tuin. Kijk ook eens op https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling voor meer informatie!